Home> 3 Een bloeiende boekhandel > De 19e-eeuwse boekwinkel en de gang van zaken toentertijd.

3Een bloeiende boekhandel

De 19e-eeuwse boekwinkel en de gang van zaken toentertijd.

Print deze paragraafPrint

Een boekwinkel zag er destijds heel anders uit dan tegenwoordig. De boeken werden meestal niet gebonden aangeboden, maar in losse vellen verkocht en verzonden zodat, in met een touwtje dichtgebonden pakken, die plano vellen de planken langs de wanden van de winkel vulden. In plaats van een heel boek werd in het raam, c.q. etalage alleen het titelblad uitgestald - eigenlijk tegelijkertijd een soort prospectus - dat de titel met een lang of kort commentaar vermeldde: wat meteen de ‘wijdlopigheid ’ van veel oude boektitels verklaart!
Zo’n titelblad kon aan een klant meegegeven of uitgedeeld worden; bij het binden werd het ook wel vooraan in het boek geplakt. Alleen bijbels, school- en gezangboeken, kalenders en andere populaire uitgaven werden direct gebonden of ingenaaid in de handel gebracht, meestal door de wat kleinere boekhandelaren die tevens boekbinders waren.


























Links: Is dit een echte boekenwurm of niet soms? (schilderij Carl Spitzweg)
Rechts: Zo zou een boekwinkel er in de 18e en 19e eeuw mogelijk hebben uitgezien. (schilderij Johannes Jelgershuis)


Hoe kwam een beginnend boekhandelaar als Van Stockum ( Stockum sr., W.P. van ) - en met hem de andere boekhandelaren - nu aan zijn voorraad? Dat ging toen als volgt in z’n werk:
De 19e eeuwse boekhandelaar (destijds committent of debitant genoemd) betrok zijn boeken vrijwel nooit rechtstreeks van de uitgever, maar schakelde daartoe een ‘correspondent’ in, die functioneerde als schakel tussen uitgever en handelaar. Vrijwel alle correspondenten, zelf ook vaak boekverkoper, waren gevestigd in Amsterdam - dat altijd al het hart van het boekenvak is geweest en gebleven - en de belangrijkste van hen legden voorraden aan van de meest gevraagde boeken van de bekendste uitgevers. Die boeken kregen ze echter ‘in commissie’ d.w.z. wat ze niet konden doorverkopen aan de boekhandel mochten ze terugsturen aan de uitgever, waarna een afrekening van de verkochte exemplaren volgde. Hun verdienste bestond uit het verschil in korting dat ze van de uitgever(s) ontvingen en de marge die ze aan de boekhandel toestonden. Bekende correspondenten destijds waren de firma C.L. Brinkman met 142 committenten en Schalekamp, Van de Grampel & Bakker met 79 klanten.
In de loop van de jaren ’50 en ’60 van de 19e eeuw werd er echter in het ’Weekblad voor den Boekhandel’ steeds vaker op aangedrongen dat deze correspondenten hun bedrijven zouden moeten wijzigen in een zelfstandig depot, d.w.z. voor eigen rekening inkopen bij de uitgever die dan met extra korting zou moeten leveren als beloning voor het risico dat de correspondent nu nam.

De geboorte van het 'Bestelhuis voor den Boekhandel.'


Na jaren van voortdurend gezeur, geklaag en verwijten over en weer m.b.t. de matige prestaties van de correspondenten en de trage levering - tot diep in die eeuw gaat het verzenden nog per postkoets en/of trekschuit! - bracht het jaar 1871 de oplossing van dit slepende conflict, want toen slaagde de ‘Vereeniging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels’ er namelijk in, een doorbraak in dit conflict te bereiken en werd in Amsterdam (natuurlijk) het ‘Bestelhuis voor den Boekhandel’ opgericht; een instantie waarvan ons land de Europese primeur had en die in het buitenland veel waardering maar ook afgunst oogstte. (In 1881 reisde de voorzitter van de raad van commissarissen van het Bestelhuis naar Parijs om daar uit te leggen hoe één en ander in Nederland in zijn werk ging!)
Een buitengewoon en uitzonderlijk initiatief dus: uitgevers en boekhandelaren maakten er gebruik van, waren gezamenlijk eigenaar en er was geen winstdoelstelling, behalve dat het voortbestaan van de firma niet in gevaar mocht komen.



Van Koning Willem III mag het.






Maar er moest wel aan bepaalde voorwaarden worden voldaan.


Hoe werkte toentertijd het Bestelhuis?


De zendingen van boekverkopers en uitgevers werden na binnenkomst meteen geregistreerd met vermelding van datum en uur van aanlevering en het gewicht; daarna werd verder uitgesorteerd en vervolgens op geregelde tijden weer doorgezonden aan de geadresseerden. De boekhandelaren betaalden voor deze service een jaarlijkse bijdrage, gerelateerd aan het aantal zendingen en de verwerkte hoeveelheid kilo’s per jaar.
Het succes van het Bestelhuis was groot en al heel spoedig moest men omzien naar een ruimere behuizing; de oorspronkelijke inrichting aan het Rokin werd in 1876 vervangen door twee panden aan de Spuistraat achter het postkantoor. Het ruimtegebrek werd verder in hoofdzaak veroorzaakt doordat in 1883 ook de postpakketdienst werd ingevoerd: in datzelfde jaar werden al 120.000 postpakketten verzonden!
De groei zette stevig door: steeds meer committenten/boekverkopers sloten zich bij het Bestelhuis aan en in 1892, toen men 895 aangesloten boekhandelaren kende werd alweer een nieuw, door de Vereeniging zelf gebouwd pand betrokken, ditmaal aan de Raadhuisstraat/hoek Spuistraat.

Toen de Vereeniging in 1902 in het bezit kwam van alle aandelen van het Bestelhuis betekende dat het startsein voor reorganisatie: er werd gestreefd naar efficiëntere en nog snellere uitvoering van geleverde diensten. Door een overeenkomst met Schalekamp, Van de Grampel & Bakker ontstond een goede samenwerking met deze belangrijkste en enig overgebleven depothouder.
Over de verdere ontwikkeling van het Bestelhuis in de loop van de 20e- eeuw leest u op een geschikt moment in een later stadium.



Tot diep in 19e eeuw werd er nog per trekschuit vervoerd, ondanks de ontwikkeling van het spoor!




Dat Bestelhuis! Dat Bestelhuis! Wat speelt dat een rol!


De Vereeniging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels.


Eerst is het nodig enige aandacht te schenken aan de reeds enkele malen genoemde ‘vereniging met de lange naam’, zoals men vaak schertsend in ons vak zei/zegt: 'De Vereeniging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels'.
Het einde van de Franse overheersing in 1815 had gelukkig al snel tot gevolg dat de vrijheid van drukpers in ere werd hersteld en daarmee kwam ook een herleving van het boekenvak tot stand. In datzelfde jaar kwam reeds een samenwerkingsverband tot leven dat uitmondde in de oprichting van die ‘vereniging met de lange naam’, de V.B.B.B. Op initiatief van de boekhandelaren Van der Heij uit Amsterdam, Loosjes uit Haarlem en Du Mortier uit Leiden kwamen een aantal vakgenoten bijeen, die op 11 augustus 1815 een ‘Acte van verbindtenis van eenige Boekhandelaars in Nederland tot het tegengaan van het maken en verkoopen van Nadrukken’ tekenden. Zij trachtten het gestelde doel te bereiken door het voeren van processen en dat deden zij met gunstig gevolg, want als eerste succes kon worden geboekt dat er in 1817 een wettelijke regeling tot stand kwam van het eigendomsrecht tussen schrijvers en uitgevers.
Deze wet, die gegolden heeft tot 1881, beschermde de auteur of diens rechtverkrijgenden en tevens de vertalers. Er vielen ook nog veel andere zaken te regelen en men besloot dus bij elkaar te blijven, wat leidde tot de definitieve oprichting van de Vereeniging. De term ‘boekhandel’ in de naam moet men dus goed begrijpen: deze bedoelt zowel de boekhandel als de uitgeverij!
In landen als Duitsland, Frankrijk en Engeland was een dergelijke organisatie nog onbekend; daar waren uitgevers nog steeds ‘in oorlog’ tegen nadrukkers en konden niets doen tegen deze ‘georganiseerde roof’ zoals zij het noemden. De organisatie groeide snel en telde aan het eind van de 19e eeuw al meer dan 500 leden; er werd een verenigingsblad opgericht en een eigen bibliotheek en in 1871 kwam dus eindelijk het Bestelhuis van de grond. Ook gaf men zelf geschriften uit met betrekking tot het boekenvak in de reeks ‘Bouwstoffen voor de geschiedenis van den Nederlandschen boekhandel.’
In verschillende grote steden ontstonden plaatselijke afdelingen of colleges; één van de oudsten daarvan is de nog steeds bestaande ’s-Gravenhaagsche Boekhandelaars-Vereeniging’ opgericht in 1854.

In het vierde kwart van de 19e eeuw rommelde het nogal in het vak; vooral van de kant van de boekhandelaren werden een tweetal grieven aangevoerd: het colporteren met boeken door uitgevers buiten de boekhandel om en - verreweg de belangrijkste ergernis - het ongelimiteerd en ongemotiveerd geven van kortingen aan gemeenten, scholen en andere personen en instellingen die niets met het boekenvak te maken hadden.
Verschillende vergeefse pogingen werden gedaan om de misstanden de kop in te drukken; pas in 1904 lukt het de Vereeniging - onder voorzitterschap van W.P. van Stockum jr. ( Stockum jr., W.P. van ) - de kortingskwestie definitief te regelen en als ‘artikel 13’ in het Algemeen Reglement op te nemen. Dat artikel 13 betekende een forse stap op weg naar het eerste Reglement Handelsverkeer van 1923; in dit Reglement worden de twee pijlers waarop het vak berust vastgelegd: de vaste prijs en het exclusief verkeer.
De grote betekenis van dit Reglement schets ik enkele pagina’s verder in het intermezzo m.b.t. het ontstaan van de Nederlandse Boekverkopersbond. Over hoe het de Vereeniging verder verging kom ik in een volgende fase van het verhaal terug; datzelfde geldt overigens ook voor de historie van de ’s-Gravenhaagsche.

paragrafen in dit hoofdstuk

imageDe negentiende eeuw: de ontwikkeling van het boekenvak in Nederland.

imageDe 19e-eeuwse boekwinkel en de gang van zaken toentertijd.

imageW.P. van Stockum sr. in het Den Haag van de 19e eeuw: opbloeiende welvaart.

imageDe eerste helft van de twintigste eeuw: het tijdperk Petri.

imageDe boekhandelaren organiseren zich en het boekenkartel ontstaat.

imageIndiensttreding Oostenrijker Hans Jacoby.

imageStichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek.

imageDe invloed van de Tweede Wereldoorlog op de boekhandel.

imageDe tweede helft van de twintigste eeuw: Boekhandel van Stockum en Belinfante.

imageDe 's-Gravenhaagsche Boekhandelaars- Vereeniging, een beknopte historie.

imageHoe de geschiedschrijver van Van Stockum het vak leerde bij 'concurrent' Martinus Nijhoff.

imageAfbrokkeling boeken- kartel, ontwikkeling van Bestelhuis en Centraal Boekhuis en de opkomst van Scholtens.

imageEen 'revolutie' in boekenland: de introductie van het ISBN en het EAN.

imageEinde van het tijdperk Jacoby, begin van een nieuw - kort- tijdperk: Andre Houtschild.

imageVan Stockum onder Theo van der Linden: verhuizing van het Buitenhof naar de Venestraat.

imageVan Stockum viert 150 jarig bestaan onder nieuwe directeur: André Marsé.

imageVan Stockum, Belinfante en Coebergh (SBC): Pasar Malam Besar en Frankfurter Buchmesse.

imageOver de aanbieding en de vertegenwoordigers: enkele persoonlijke herinneringen.

imageVan Vereeniging (met de lange naam) tot KVB (Kon.Ver. van het Boekenvak).

imageRond de eeuwwisseling: Uitbreiding en overnames.

imageWie wil er boekhandelaar of uitgever worden?

Home | Contact | Zoek in 17 miljoen leverbare titels